December 2012

Alex Waterman
22 december 2012 / 9 Tewet 5773

Heeft u wel eens het graf bezocht van iemand die nooit dood ging? Dat kan als je naar de Iraanse stad Isfahan gaat. Isfahan is te vinden op de weg van Teheran naar de Perzische Golf. Het is een stad met een rijke Joodse geschiedenis en een hele oude Joodse gemeenschap. Hier is, naar men beweert, het graf van Sera bat Asher, het nichtje van Joseef en de kleindochter van Jacov. Er is echter een klein probleem met dit graf: volgens de midrasj op de parasja van deze week ging Sera namelijk nooit dood! Ook in de Thora zelf zou je kunnen opmaken dat Sera nooit dood is gegaan.

Sera bat Asher komt het eerst voor in de thora in de parasja van deze week waarin we haar naam vinden in de lijst van de 70 familieleden van Jacov die naar Egypte trekken. Ze is echter ook de enige vrouw die ook vermeld staat in de uitgebreidere volkstelling bij het verlaten van Egypte zo een slordige 400 jaar later! Ze moet dus geleefd hebben in de tijd van Joseef EN de tijd van Mosje. Dit feit heeft er dus toe geleid dat zij onsterfelijk is verklaard. En dat dan weer verklaard het graf van iemand die nooit dood is gegaan.

In deze parasja van deze week Wajigasj lezen we verder de ontknoping van het Joseef en broeders drama. Joseef, inmiddels onderkong van Egypte, vertelt zijn broers eindelijk dat hij hun broer is en verzoekt hen zo snel mogelijk aan vader Jacov te gaan vertellen dat hij nog steeds in leven is. Maar hoe vertel je zoiets aan een oude vader die zijn leven lang om het verlies van zijn geliefde zoon gerouwd heeft? Niet alleen dat, Joseef had hun opdracht gegeven deze boodschap voorzichtig over te brengen. Dus wat te doen?

Bij het benaderen van de tent zagen de broers opeens Sera, de dochter van Asher, een knap en pienter meisje die zeer begeeft was in het harp spelen. Ze vroegen haar de boodschap zingend met harp over te brengen. Sera ging naast Jacov zitten en speelde een mooie melodie waarbij ze de woorden zong: “Joseef, mijn oom, hij leeft, en is nu heerser over heel Egypte. Hij is niet dood….hij leeft!”

Een uitspraak trouwens die vroeger in Joods Amsterdam veel werd uitgesproken. Die uitdrukking komt uit de roman “Le Chevalier Lagardère” van de Franse schrijver Paul Féval uit de tweede helft van de 19e eeuw. Een boek die gaat over galante degenvechters à la De Drie Musketiers. In dit boek zit een scène waarin de doodgewaande Henri opeens verschijnt, zijn vermomming afgooit en zich luidkeels bekendmaakt: “Ik ben Henri…..Henri de Lagardère is niet dood, hij leeft!” Waarna hij het zoveelste bloedstollende gevecht wint, het meisje krijgt en nog lang en gelukkig leeft. Maar dat heeft allemaal natuurlijk helemaal niets met de Parasha van vandaag te maken…… maar het is wel leuk om te weten……..toch? Of is er toch een link? Dood zijn…niet dood zijn….terugkomen of niet terugkomen…..

Henri leeft tenminste nog lang en gelukkig en Sera ging nooit dood en Joseef leefde ook nog nadat hij was doodgewaand door zijn vader………Hoe triest is het dan dat je afgelopen week weer van zo’n drama hoort als in Newtown Connecticut in Amerika. 20 kinderen in de leeftijd van 6 en 7 jaar oud zijn wel dood gegaan en komen niet terug bij hun ouders. Kunt u het zich voorstellen? Wat voor een verschrikkelijke wereld is dit toch dat je je kinderen van 6 jaar geen veiligheid kan bieden tussen de schoolmuren. Of dat je kinderen laat mee vechten als kindsoldaten in een oorlog waarvan niemand weet waarom deze eigenlijk wordt gevoerd……Of dat je kinderen als een soort van schild gebruikt om zo de tegenstander ervan te weerhouden om te schieten. Daarmee het levensgrote risico loopt dat deze kinderen in het gevecht en het geschiet ten onder gaan…….

In wat voor wereld zijn we nu terecht gekomen……Was dat de wereld die G’d voor ogen heeft gehad toen hij deze heeft geschapen? Is dat een wereld die wij voor ogen hebben om na te laten aan onze kinderen en kleinkinderen? Ik kan me echt niet voorstellen dat er iemand is die 1 van deze beide vragen met “ja” zal beantwoorden…….maar waarom veranderen we dan niet? Wat is er dan in de mens geslopen wat hem zo destructief maakt? Waarom vindt men het ene geloof meer superieur dan het andere geloof? Waarom worden er uit hoofde van geloven mensen vermoord? Vragen, vragen, vragen …………….. en ik heb de antwoorden niet.

Maar ik weet wel dat, als ik stop met deze vragen te stellen, het afgelopen is. Dan heb ik het opgegeven en geef ik er ook niets meer om. En dat kan ik dus niet…….dat wil ik dus niet………..dat doe ik dus niet.

We hebben allemaal, baruch hasjem, 21 december overleefd en dus begint in de westerse jaartelling over 10 dagen het nieuwe jaar 2013. Een nieuw jaar waarin een heleboel mensen beginnen met goede voornemens…….stoppen met roken, minder eten, minder drinken, harder werken of juist minder hard werken en we wensen elkaar allemaal veel geluk en vooral gezondheid toe…….en dat wens ik natuurlijk ook aan iedereen toe.

Maar zal er iemand eigenlijk zijn die wenst dat we een jaar zonder geweld tegemoet moeten gaan? Zonder dat er grensrechters dood worden geslagen om een spelletje tussen kinderen, een jaar zonder die kindsoldaten, een jaar zonder die redeloze aanslagen zoals in Amerika, een jaar zonder een schild dat wordt gevormd door kinderen? Een jaar zonder een constante oorlogsdreiging in Israel?

Laat ik dan degene zijn die dat wenst……voor iedereen. Omijn

Sjabbat Sjalom,